Varen door storm en wind, de zeilen in top
Golven van hoog naar laag, het schuim bovenop
Strijdend op weg naar huis, en niets wat ons deert
zeelui aangeleerd
We koersen recht door zee, nog mijlen te gaan
met land aan horizon, komt de heimwee spontaan
ik zie jouw lieve lach, op de kade vooraan
Het werk is weer gedaan
Alleen maar water, water, water overal
en we hadden niks te drinken
alleen maar water, water, water overal
daarom willen wij nu klinken
Dus geef ons rum, rum, rum, en de vrouwen doen mee
We drinken rum, rum, rum, in
